In plaats van Port

Christian Wiman ontmoet de liefde en de dood

Abstract

Christian Wiman, geboren in 1966, is een Amerikaans dichter die na zijn veilige religieuze jeugd afscheid nam van het geloof en zich toen op de poëzie stortte: hij werd hoofdredacteur van Poetry, het grote podium voor dichters in Amerika. En toen zijn dokter hem vertelde dat hij een even onvoorspelbare als ongeneeslijke kanker in zijn botten had – op mijn negenendertigste verjaardag, via voicemail  moest hij als postmodern man van verder komen dan John Donne; en als hij erover ging schrijven, moest hij schrijven voor een veel moeilijker publiek ook. Hij schreef een artikel over zijn denkproces, zijn pijn en wat hij dacht te geloven, ‘Love bade me welcome’en naar aanleiding van alle reacties werkte hij dat artikel in de loop van een paar pijnlijke jaren uit tot een boek. Maar dat werd dan ook een modern mystiek traktaat, My Bright Abyss.

De Engelse dichter W.H. Auden schreef dat poëzie de heldere uitdrukking van gemengde gevoelens is: misschien daarom, dat er een dichter nodig was, om dit complexe en kwetsbare proces van een spirituele bewustwording tegelijk zo fragmentarisch en toch ook zo samenhangend te registreren als in dit boek gedaan is. Langs alle moeilijke vragen bewegen, en niet helemaal zonder antwoord thuiskomen. Beginnend met de liefde en met de pijn:

Hoewel ik in mijn leven jicht, nierstenen, een mislukte beenmergtransplantatie en een paar andere luidruchtige beledigingen heb meegemaakt had ik tot voor kort geen idee wat pijn was [..] als ik alle pijnstillers heb genomen die ik kan slikken zonder er aan te overlijden, als ik dan op de bank zit, als ik probeer mijzelf kleiner te maken door te bukken en mijn eigen enkels beet te pakken, dan bid ik. Niet tot God, die op dit eiland niet lijkt te wonen, maar tot de pijn. Dat die heel even wil verdwijnen om me te laten ademen. ‘

Dit artikel komt een jaar na publicatie beschikbaar. Neem een abonnement als je het hele artikel nu al wil lezen.