Vreugde in ballingschap

Christelijke levensstijl in een postchristelijke tijd

Abstract

Hoe leef je als christen in een wereld die het christendom achter zich lijkt te hebben gelaten? Wat betekent het om je leven te richten naar Gods geboden wanneer die botsen met de vanzelfsprekendheden van je tijd? Deze vragen zijn actueler dan ooit. Sinds de culturele breuk met het christelijk erfgoed in de tweede helft van de twintigste eeuw, leven gelovigen in Nederland in een nieuwe werkelijkheid: niet langer als vertegenwoordigers van een gedeelde cultuur, maar als vreemdelingen in eigen land.

Juist in deze context klinkt opnieuw de vraag naar een christelijke levensstijl. Niet als moreel programma of politiek manifest, niet als poging tot herkerstening van de samenleving, maar als een zoeken naar gehoorzaamheid in een tijd van geloofsafval. Het is leven tegen de stroom in, gevormd door het Woord. In dit essay wil ik proberen dit zoeken theologisch te duiden. Niet om pasklare antwoorden te bieden, maar om lijnen te trekken vanuit de Schrift, de kerkgeschiedenis en de cultuuranalyse. Het evangelie volgens Mattheüs fungeert hierbij als leidraad.

Een terugblik
Sinds de jaren zestig verkeert het Nederlandse christendom in een proces van marginalisering. Meerdere theologen pleitten sindsdien voor een ‘theologie van de ballingschap’: niet bevrijding, zoals in Latijns-Amerikaanse theologie, maar ontworteling vormt de kernervaring van de gelovige. In deze context krijgt het lied van Willem Barnard een profetische lading: ‘Al leeft uw volk verschoven / kyrieleison, / in ’t land van vuur en oven, / in ’t land van Babylon’ (Liedboek 2013, 713). De lofzang van de gemeente is zingen tegen de storm in, vreugde in ballingschap. Geloven is een onmogelijkheid waarvoor je dankbaar bent. Dit verklaart waarom veel gelovigen de lier aan de wilgen hangen, en waarom zingen – als het gebeurt – vaak voelt als een daad van heilige dwaasheid.

Binnen reformatorische en evangelische kringen is de aandacht voor levensstijl recent toegenomen. Waar men voorheen vooral bezig was met rechtvaardiging (‘Hoe krijg ik een genadig God?’ of ‘Wie is Jezus voor mij?’), komt er ruimte voor de heiliging: leven in gehoorzaamheid aan God. Tegelijk is dit geen vanzelfsprekend proces. In liberale kringen verschuift de aandacht juist van ethiek naar mystiek. Zo ontstaan binnen het christendom tegengestelde bewegingen die beide proberen te reageren op de marginalisering van het geloof.

Dit artikel komt een jaar na publicatie beschikbaar. Neem een abonnement als je het hele artikel nu al wil lezen.