Redactioneel

De Franse schrijver Michel Houellebecq zegt het in zijn geruchtmakende roman Elementaire deeltjes onomwonden, als commentaar nadat een personage zich met rolstoel en al van een flat heeft gereden. Ze deed dit nadat haar minnaar net een paar dagen te lang wachtte om haar te vertellen dat zij ondanks haar plots ontstane handicap toch welkom was in zijn Parijse flat. ‘De elementen van de hedendaagse mensopvatting zijn niet meer op onze sterfelijkheid afgestemd. Nog nooit, in geen enkele periode en geen enkele andere beschaving, hebben mensen zo lang en zo vaak aan hun leeftijd gedacht. Iedereen heeft een eenvoudig toekomstperspectief in zijn hoofd: ooit zal het moment komen dat de som van al het lichamelijk genot dat hij nog van het leven mag verwachten lager zal zijn dan de som van alle pijn. Die rationele afweging van genot en pijn, die iedereen vroeg of laat gedwongen wordt te maken, loopt als men ouder wordt onvermijdelijk op zelfmoord uit. Zelfmoorden van ouden van dagen komen ons tegenwoordig volkomen logisch voor.’

Jammer dat dit citaat niet gehoord werd in de recente debatten over euthanasie. Maar zoals Wim van Dorp in zijn Treden van de dagen terecht opmerkt, de discussie over de pil van Drion komt eraan – Borst of geen Borst – en dan kan wat literair geschut geen kwaad. Eens een keer niet de bijbel citeren, maar een ruige, weinig verhullende moderne roman. In Frankrijk zijn er al meer dan 300.000 exemplaren van verkocht. Bang dat een ander Kamerlid het boek gelezen heeft, hoef je niet te zijn.

In al zijn cru-heid raakt Houellebecq een cruciaal punt. In onze door wetenschap en techniek mogelijk gemaakte westerse welvaarts-mallemolen, draait langzaamaan alles onverbloemd om het eigen welbevinden. Een zelfbeschikkingsrecht dat uiteindelijk weinig meer lijkt te zijn dan een legitimatie om te doen waar je zelf zin in hebt, weet geen weerstand te bieden aan het najagen van het genot. Maar, laat Houellebecq zien, op deze manier verspeel je in ieder geval ook de humaniteit. Een (groot) woord waar we de mond vol van hebben, maar dat niet kan zonder een levenswijze en levensbesef waarin de negativiteit van het bestaan toch ergens ‘goed’ voor is. Zonder een dergelijke ervaring komen we weer terecht in een darwiniaanse jungle van het recht van de sterkste. Hiermee lijkt het eigenlijke thema gegeven waar het om zal (moeten) gaan de komende tijd: wat is een goed leven?

Het verhaal van Van Dorp wordt voorafgegaan door een artikel over de historiciteit van de belijdenis, een inleiding op het C.S.F.R.-lustrum-thema tolerantie, een brief van een lid van een RRQR-leeskring en een interview over de achtergronden van de mkz-crisis. Gerda van de Haar leest aandachtig Lukas 4.

Het RRQR-team heeft voor de tweede achtereenvolgende keer met duidelijke cijfers de strijd om de prof.dr. A.A. van Ruler-bokaal gewonnen. Het C.S.F.R.-team ging met 10 – 4 ten onder. Doch dit geheel terzijde.