Archief

De drie zwaarden

Ds. H. de Jongjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

De meest bekende zin in de passage uit 1 Koningen 19 is ongetwijfeld die over de zevenduizend die de Here God in de dagen van Elia uit Israël zou doen overblijven. Maar deze woorden, hoe vertrouwd ook, staan in een tekstverband. Om ze goed te begrijpen moet je buiten de oevers van dat afgebakende vers 18 treden. 'En zo zal Ik doen overblijven...', moet je eigenlijk het begin van het vers vertalen. De zin presenteert zich namelijk als een gevolg, een conclusie of een consequentie uit wat in de verzen daaraan voorafgaande gezegd wordt. Wat gaat er dan aan dat achttiende vers vooraf? De profeet Elia heeft op Horeb een drievoudige opdracht van de Here God ontvangen. Vermoeid als hij was na het overweldigende succes op de Karmel, zakte hij op de dreiging van Izebel als een pudding in elkaar: 'Neem nu, HERE, mijn ziel, want ik ben niet beter dan mijn vaders.' God richt hem dan op door hem aan het werk te zetten. Elia moet Hazaël tot koning over Damascus, Jehu tot koning over Israël en Elisa tot opvolger van hemzelf zalven. In het vers dat daarop volgt, het zeventiende, komen we drie zwaarden tegen: 'Wie dan aan het zwaard van Hazaël ontkomt, hem zal Jehu doden, en wie aan het zwaard van Jehu ontkomt, hem zal Elisa doden.' 'Met weer zíjn zwaard', mag je aanvullen. Dat maakt drie. 'En zo', sluit dan het godswoord af, 'op die manier, langs die weg, zal Ik mij in Israël zevenduizend (mensen) doen overblijven: alle knieën die zich voor Baäl niet gebogen hebben en elke mond die hem niet heeft gekust.'

//wapenveldonline.nl:443/artikel/324/de-drie-zwaarden/

Lees verder

“Kerk moet EO-piekervaring bedding geven.”

Herman Oevermans en Wim Dekkerjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

De jaarserie 'Hoe wilt Gij zijn ontmoet; over de omgang met het heilige in een ontheiligde cultuur' neigt naar een einde. Deze keer een interview met de heren A. Knevel en A. van de Veer van de Evangelische Omroep. Het werd de hoogste tijd dat zij aan het woord kwamen. In de voorgaande artikelen en interviews in deze jaarserie werd verschillende keren kritisch teruggeblikt op de EO-conferentie 'De Boodschap en de Kloof', de aanleding tot deze jaarserie. In onze analy­se vond tijdens deze conferen­tie een verschui­ving plaats van het 'dat wat wij geloven' naar de ervaring. Met name de lezing van Ouweneel had dat karakter. Ouweneel wist het allemaal niet zo zeker meer. Al die waarheden werden opeens tot kille, ratio­nele waarheden. Daar redden wij het in een tijd van postmoder­nisme niet meer mee. De zekerheid van het geloof valt niet langer te ontlenen aan een absoluut waarheidssysteem. Dat maakt het geloof ook kwetsbaar. Vooral wanneer zogenaamd eeuwi­ge waarheden gaan schuiven. En dat doen ze in deze tijd. Daar valt dus geen huis meer op te bouwen. In ieder geval geen kerk. Dat is ook niet wervend. Jongeren haken af op dorre dogmatiek. Ouweneel zet in op de beleving. Het gevoel en het besef dat God er is. Dat geeft geborgenheid, zekerheid. Dat is ook wervend. Dan weet je ook weer waarom je gelooft.

//wapenveldonline.nl:443/artikel/325/kerk-moet-eo-piekervaring-bedding-geven/

Lees verder

De sekse voorbij?

Maarten J. Verkerkjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

Wapenveld schenkt uitgebreid aandacht aan mijn boek Sekse als antwoord. In het eerste nummer van deze jaargang geeft Gerie-Anne van den Brink-Blankesteijn een bespreking. In het vierde nummer van deze jaargang reageren Joke van Saane en Gerda van de Haar. Allereerst een korte karakterisering. Gerie-Anne van den Brink-Blankesteijn heeft mijn boek als een 'ritje in de achtbaan' ervaren. Spannend en uitdagend. Zij beschrijft de inhoud van mijn boek. Zij geeft aan welke uitspraken en gedachten zij als eye-opener heeft gezien. Aan het slot van haar recensie schrijft zij dat terugtrekken in de wereld van frutsels en fornuis haar niet meer lukt. De reactie van Joke van Saane ademt een andere sfeer. Zij reageert bijzonder kritisch. Zij stelt dat ik van tevoren al een mening over het feminisme had en dat ik de literatuur gebruik om mijn gelijk te bewijzen. Ook kritiseert zij mijn opmerkingen over het huwelijk. Zij meent dat ik bij lezeressen en lezers de indruk wek dat vrouwen alleen tot hun recht komen in relatie tot hun man. Gerda van de Haar geeft aan dat zij aanvankelijk met tegenzin aan mijn boek begonnen is. Zo in de trant van: zeker weer een boek van een man die zijn geweten schoon wil wassen. Al lezend is haar tegenzin verdwenen. Zij ziet het als een bijzonder boek. Zij haalt enkele onverwachte conclusies naar voren, bekritiseert een aantal gedachten en geeft aan waar zij tekorten ziet. Drie reacties. Maar wel drie geheel verschillende reacties. Ik kan me ook niet geheel aan de indruk onttrekken dat de schrijfsters met een verschillende invalshoek mijn boek zijn gaan lezen. Ik dank de redactie voor de mogelijkheid om te reageren.

//wapenveldonline.nl:443/artikel/326/de-sekse-voorbij/

Lees verder

De Church of England en de Europese eenwording

Petra Jonkersjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

In juni van dit jaar gooide de Britse National Association of Head Teachers de knuppel in het hoenderhok. Het merendeel van deze vereniging, die zo'n 32.000 leraren van allerlei scholen vertegenwoordigt, keerde zich tegen de onderwijswet die voorschrijft dat op elke school dagelijks een zogenaamde Christian collective act of worship, meestal een gebed plaatsvindt. Dit geldt voor alle scholen, ook voor niet christelijke leerlingen en leraren . Verplichte godsdienstoefening werd door de onderwijswet van 1944 voorgeschreven en in de zogenaamde 1988 Act is nog steeds opgenomen dat het onderwijs 'weerspiegelen moet dat de religieuze tradities in Groot-Brittannië hoofdzakelijk christelijk zijn, mits rekening wordt gehouden met de leer en religieuze plichten van de voornaamste andere in Groot-Brittannië vertegenwoordigde religies. Godsdienstoefening op openbare scholen zou de algemene christelijke geloofstradities in dit land moeten weerspiegelen' .

//wapenveldonline.nl:443/artikel/327/de-church-of-england-en-de-europese-eenwording/

Lees verder

De projectie van een betere toekomst

Herman Oevermans en Annette van der Vlietjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

Ter voorbereiding van het aanstaande congres, bezochten we de econoom van het genoeg, professor Bob Goudzwaard. Hij maakte vanaf het begin de eenwording van Europa mee en was er door deelname in commissies actief bij betrokken.

//wapenveldonline.nl:443/artikel/328/de-projectie-van-een-betere-toekomst/

Lees verder

Scherven zekerheden

Ds. J. Maaslandjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

'het is alsof het handschrift aarzelt de pagina berouwt, zich afvraagt wat het moet met al die klinkers scherven zekerheden het licht droogt op in inkt, het raam ziet enkel in, verhelend dat de straat zich inslaapt in een kiek, de uitgang dicht-'

//wapenveldonline.nl:443/artikel/329/scherven-zekerheden/

Lees verder

Geloof in de markt

Johan Polderjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

//wapenveldonline.nl:443/artikel/330/geloof-in-de-markt/

Lees verder

Een wijze ging voorbij

Herman Ligtenbergjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

//wapenveldonline.nl:443/artikel/331/een-wijze-ging-voorbij/

Lees verder

Het kwaad

Herman Ligtenbergjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

//wapenveldonline.nl:443/artikel/332/het-kwaad/

Lees verder

Hogere sferen

L. Engelfrietjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

//wapenveldonline.nl:443/artikel/333/hogere-sferen/

Lees verder

Opstand, politiek en religie bij Willem van Oranje 1559-1568

G. Holdijkjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

//wapenveldonline.nl:443/artikel/334/opstand-politiek-en-religie-bij-willem-van-oranje-1559-1568/

Lees verder

Om de toekomst van het protestanste Nederland

G. Holdijkjaargang 48, nummer 5, oktober 1998

//wapenveldonline.nl:443/artikel/335/om-de-toekomst-van-het-protestanste-nederland/

Lees verder